Bloedonderzoek overgang NHG
De NHG-richtlijn voor de overgang beschrijft wanneer bloedonderzoek zinvol is en wanneer niet. In de meeste gevallen stelt de huisarts de diagnose overgang op basis van klachten en leeftijd. Bloedonderzoek op FSH heeft een specifieke rol bij twijfelgevallen en bij vrouwen jonger dan 45.
Wat zegt de NHG-richtlijn over overgangsdiagnostiek?
De NHG-richtlijn (Nederlandse Huisartsen Genootschap) voor de overgang stelt dat de diagnose overgang in de meeste gevallen een klinische diagnose is: zij wordt gesteld op basis van de combinatie van leeftijd (boven de 45 jaar), typische klachten en het patroon van menstruatieveranderingen, zonder dat bloedonderzoek verplicht is.
De redenering hierachter is dat FSH in de perimenopauze sterk fluctueert. Een eenmalige verhoogde FSH bevestigt de overgang niet definitief, en een eenmalige normale FSH sluit haar niet uit. Voor de meeste vrouwen boven de 45 met klassieke overgangsklachten voegt FSH bepaling weinig toe aan de klinische beoordeling.
De NHG beveelt FSH bepaling aan in specifieke situaties, met name bij diagnostische twijfel. Dat zijn de gevallen waarbij leeftijd of klachtenpatroon atypisch zijn, waarbij andere oorzaken moeten worden uitgesloten, of waarbij de vrouw zekerheid wil over haar menopauzale status als basis voor een beslissing over hormoontherapie of anticonceptie.
Wanneer adviseert de NHG bloedonderzoek bij de overgang?
- Vrouwen jonger dan 45 jaar met klachten die mogelijk passen bij een vroegtijdige overgang of premature ovariële insufficiëntie (POI): hier is bloedonderzoek op FSH wel geïndiceerd
- Twijfel over de diagnose bij een atypisch klachtenpatroon, waarbij andere oorzaken (schildklierziekte, depressie, anemie) moeten worden uitgesloten via aanvullend onderzoek
- Vrouwen die de pil of hormoonspiraal gebruiken en willen weten of ze door de overgang heen zijn, als basis voor het besluit anticonceptie te staken
- Vrouwen bij wie de diagnose overgang al is gesteld en die overwegen hormoontherapie te starten, waarbij de huisarts de hormoonstatus wil objectiveren
- Vrouwen die na een gynaecologische ingreep (baarmoederverwijdering) niet meer menstrueren en zekerheid willen over de menopauzale status
Hoe wordt het bloedonderzoek uitgevoerd volgens NHG?
De NHG adviseert bij twijfelgevallen twee FSH metingen met een interval van minimaal vier tot zes weken, omdat een eenmalige meting vanwege de grote fluctuatie onbetrouwbaar is. Beide metingen moeten in de vroege folliculaire fase worden gedaan (dag 2 tot 5 van de cyclus) als de vrouw nog menstrueert.
Bij vrouwen die niet meer menstrueren kan FSH op elk moment worden gemeten. Een FSH consistent boven 40 IU/L bij een vrouw van boven de 40 met twaalf maanden amenorroe is diagnostisch voor de menopauze.
Bij vrouwen jonger dan 40 met een verhoogde FSH raadt de NHG aan om ook estradiol en AMH te bepalen en te verwijzen naar een gynaecoloog voor verdere evaluatie van premature ovariële insufficiëntie.
Via Coolioo kun je FSH en estradiol thuis bepalen. De uitslag is beschikbaar in je persoonlijk dashboard. Bespreek de resultaten met je huisarts voor een klinische interpretatie conform de NHG-richtlijn.
Wat betekent de FSH uitslag conform de NHG?
De NHG gebruikt de volgende drempelwaarden als oriëntatie. Meer over de specifieke laboratoriumwaarden lees je op de pagina FSH waarde uitleg.
FSH boven 40 IU/L bij twee metingen
Dit is consistent met de postmenopauzale status. Bij een vrouw boven de 45 met twaalf maanden amenorroe is dit bevestigend. Bij een vrouw onder de 40 is dit alarmerend en vereist doorverwijzing naar een gynaecoloog voor evaluatie van POI.
FSH tussen 10 en 40 IU/L
Dit bereik past bij de perimenopauze: de overgang is waarschijnlijk begonnen maar niet afgerond. Herhaalde meting na een tot drie maanden is zinvol. In dit bereik is de praktische conclusie voor anticonceptie dat zwangerschap nog mogelijk is.
FSH onder 10 IU/L
Dit wijst op een premenopauzale status of op suppressie door anticonceptie. Als typische overgangsklachten aanwezig zijn, zijn andere oorzaken waarschijnlijker. TSH en hemoglobine worden dan standaard meebeoordeeld.
Anticonceptie na de overgang
De NHG adviseert anticonceptie te continueren tot twee jaar na de laatste menstruatie bij vrouwen onder de 50, en tot één jaar erna bij vrouwen boven de 50. FSH bepaling biedt hierbij oriëntatie maar geen absolute zekerheid.
Samenhang met andere markers bij de NHG overgangsdiagnostiek
- TSH: de NHG adviseert TSH altijd mee te bepalen bij overgangsklachten om schildklierziekte als oorzaak uit te sluiten, gezien de sterke overlap in klachten
- Hemoglobine: anemie veroorzaakt vergelijkbare klachten als de overgang; standaard uit te sluiten bij vermoeidheids- en concentratieklachten
- Estradiol: samen met FSH beoordeeld bij twijfelgevallen; een lage estradiol bij hoge FSH bevestigt de menopauzale status
- AMH: niet standaard aanbevolen door de NHG in de huisartsenpraktijk, maar waardevol bij jongere vrouwen met POI-vermoeden en bij fertiliteitsadvies
- Bloeddruk en metabole markers: de NHG benadrukt dat postmenopauzale vrouwen een verhoogd cardiovasculair risico hebben; cardiovasculaire risicobeoordeling hoort bij de overgangscontext
Veelgestelde vragen
Zegt de NHG dat FSH altijd gemeten moet worden bij de overgang?
Waarom adviseert de NHG twee FSH metingen?
Kan ik na de overgang stoppen met anticonceptie?
Kan ik thuis de overgang test doen conform de NHG aanpak?
Welke andere tests raadt de NHG aan bij overgangsklachten?
overgang NHG zelf laten onderzoeken
Geen verwijzing nodig. Thuis afnemen via vingerprik, uitslag binnen 1 tot 3 werkdagen.
Bekijk de Overgang TestGerelateerd hormoononderzoek
Medische bronnen extern
Zelf hormoononderzoek doen?
Via Coolioo vraag je zelf een hormoontest aan zonder verwijzing. Thuis afnemen via een eenvoudige vingerprik, uitslag in je persoonlijk dashboard.
Bekijk de Overgang Test